Beoefen jij MEDITATIE of MAMDICTATIE?

Stel, je hebt net geleerd dat meditatie iets voor je kan doen, bijvoorbeeld tegen burn out, of een crazy mind, of slapeloosheid. En je gaat elke morgen op je kussentje zitten. Maar na verloop van tijd ben je er wel klaar mee: er gebeurt helemaal niks. Je zit keurig in halve lotus, je rug recht, je handpalmen omhoog, je vingertoppen tegen elkaar. Aan jou ligt het niet.

Niks. Nada. Noppes. 

Saai, irritant, hoezo werkt dit tegen burn out? Ik ráák er gestressed van!

Check dan eens of je ongemerkt terecht bent gekomen in een wedstrijdje stil zitten. Ben je bezig zo goed mogelijk stil te zitten? Netjes? Dan doe je helaas niet aan meditatie, maar aan mamdictatie. Je zit braaf stil. Je doet keurig opnieuw wat je moeder je vroeger opdroeg: ‘zit stil’, ‘hou je mond’, ‘rug recht’. Je doet wat je mam je dicteerde. Auw. Wat een onvrij keurslijf. En dan nu verpest dit ook je nieuw gevonden parel meditatie.

Is het antwoord dan weer te stoppen en iets anders te vinden?

Je weet of je aan mamdictatie doet, omdat je dezelfde reflex in je lichaam toepast: je haalt nauwelijks meer adem. Check maar eens. Als je moeder weer eens zo streng tegen je deed, viel je niet alleen van buiten stil, maar ook van binnen. Je hield je adem in. Soms schrok je er zelfs van: was je net lekker aan het friemelen op je stoel, hoorde je ineens die strenge stem. Of zag je die strenge blik. ‘ZIT STIL!’ (Voel je hem?).

In meditatie is het stil zitten er juist voor jou. Niet omdat het moet van je ouders, maar omdat het jou een nieuwe mogelijkheid geeft. Je wil steunen. Zodat jij je even niet hoeft te richten op alle input van buiten, maar tijd hebt voor je binnenwereld en de mogelijkheden daar. Dus het stil zitten is wel een element, maar strak hoeft het nooit te worden. Meditatie is ontspannen, licht, gemakkelijk. En hoe je dat ondersteunt, is bijvoorbeeld door je aandacht bij je adem te brengen. En je zo mee te laten nemen naar binnen, naar het mysterie wat daar op je ligt te wachten.

Want als je weer gaat ademen, dan ga je weer voelen. Dan kun je jezelf weer echt gewaar worden. En daar gaat meditatie over. Dan zit je niet voor je moeder op dat kussentje, maar voor jezelf.

Dus maak van stil zitten echt je eigen keuze. Merk het op als je strak wordt, en je oppervlakkig ademt. Neem dan wat tijd om te ontspannen en je te realiseren: ‘ik doe dit voor mezelf, omdat ik mezelf belangrijk vind’. 

Adem dit besef in en uit, als vrij man.

Jeroen Biegstraaten